Lichter leven

7 augustus 2012

Door: Elly Verblaauw

Ik kan soms over zoveel dingen vallen dat, als je dit letterlijk zou nemen, ik total loss zou moeten zijn. Terwijl dit gelukkig niet aan de hand is, ervaar ik wel het tumult dat het veroorzaakt in mijzelf. Zodra ik me weer van dit verschijnsel bewust word, valt het besluit om er even tussenuit te gaan. Weg en afstand nemen.

Op naar Drenthe. Daar hebben we een plek waar het fantastisch toeven is. Een geweldige omgeving en verder alle ingrediënten om je meteen heel senang te voelen. Terwijl de omgeving helpend is, is dit toch iets dat niet meteen gebeurt. Er is kennelijk meer voor nodig. Iets in mijzelf. Een lichter leven dat ik zelf heb op te roepen.
Het neemt wat tijd in beslag. Eerst is er de teleurstelling van het niet onmiddellijk senang voelen – ook ik heb last van de illusie van het op afroep beschikbare instantgevoel van geluk. Vervolgens is er de grimmige onvrede dat zelfs de schitterende plek niet toereikend is. En tenslotte komt de omschakeling. In gesprek met het denken ontstaat de ruimte om gewaar te zijn en te ontvangen. Ik ervaar dit als een moment waarop ik mijn gehele lichaam weer bewoon.

Eenmaal terug in de grote stad raakt deze beleving wat op de achtergrond. De dingen waarover ik me druk maak, nemen weer toe. Datzelfde geldt voor het tumult in mij. Het overschaduwt de leuke en positieve dingen die ik ook meemaak en daarmee doe ik mijzelf tekort.

Ik neem een besluit. Elke dag tenminste een ding te zien waar ik oprecht plezier aan kan beleven. Iets gewoons, waar ik anders wellicht aan voorbij zou zijn gegaan.

‘…een moment waarop ik mijn
gehele lichaam weer bewoon.’

Op de eerste dag dat ik hiermee begin, schiet mij op de fiets een lied te binnen over het ontwaken van de stad Parijs. Vanaf dat moment bezie ik mijn stad vanuit die bril. Een stad die zich uitrekt, wat geeuwt en langzaamaan in beweging komt. De fietsers die soms lukraak passeren, verwarring voor stoplichten, het krijgt een andere betekenis. Ik zie de dingen op andere wijze. Zo ontdek ik een verschil tussen de aansturing van de moeders en de vaders naar hun kinderen terwijl ze zich met zijn allen een weg banen op de fietspaden. De moeders laten hun kinderen bij voorkeur achter zich fietsen. Zij gaat als een baken voorop en haar kinderen volgen haar. Bij ieder stoplicht checkt moeder of zij haar kroost nog achter zich heeft en worden er enkele woordjes gewisseld. De vaders laten hun kinderen bij voorkeur voor zich uit fietsen. Als een richtinggever dirigeert hij zijn kinderen dat ze rechts moeten fietsen, moeten stoppen bij het stoplicht en regelmatig hoor ik ‘we gaan de kant op waar de fietsbel zit’.

Ik krijg er schik in en ontdek nog een derde variant. Moeders en vaders die hun kind naast zich laten fietsen. Deze variant is vrijwel continu met elkaar in gesprek en het is ontzettend leuk om te zien. Wanneer je erachter fietst schiet het voor geen meter op en zou je je kunnen ergeren, maar als je het tafereel op je in laat werken, kun je geraakt worden door de ontspannenheid en de blijdschap.

Ik ontdek zoveel simpele en leuke dingen. Kinderen die op een warme dag limonade verkopen in het park en uiteindelijk gratis weggeven omdat ‘dat zoveel leuker is’. Vrolijke grasvelden waarbij ik het gevoel krijg dat iemand om die reden handenvol boterbloemen heeft gestrooid.

‘…lichter leven.’

En het gaat allemaal goed tot dat ene moment dat ik in een bomvolle trein weer op weg ben naar huis. In de coupé die stilte heet, is het allesbehalve stil en blijk ik tussen fervente voetbalsupporters te zitten. Het is een situatie die mijn besluit doet vergeten. De jonge voetbalsupporter naast mij voert het hoogste woord en babbelt over niets doen en toch hoge cijfers halen. Ik vrees dat mijn oordelen zichtbaar worden. En dan, dat ene moment dat hij zich naar stralend mij toe wendt en zegt: ‘Wilt u misschien ook een stukje van mijn heerlijke ontbijtkoek?’ Hij herinnert mij aan lichter leven!