Marge

24 juni 2019

Door Tine Goedhart

‘Ja, je bekijkt natuurlijk zelf waar je marge ligt’. Telefonisch praat een collega-therapeut tegen me over het onderwerp ‘tarief voor je behandeling’. Ik zeg terug: ‘oh, marge! Dat is een mooi onderwerp voor mijn column: wat is je kostprijs en hoe draagt die bij aan het bepalen van je behandelprijs’. Zij zegt grinnikend dat dat niet direct was wat ze qua marge bedoelde. Toch bedoelen we wel ongeveer hetzelfde: waar liggen grenzen als het gaat om betaling voor werk dat je doet en waar vind je vormen van rek?

Onze collega kiest een persoonlijke benadering van marge: een klant kan zich de behandeling niet veroorloven. Zij rekent niet haar kostprijs uit, maar overlegt met de klant wat die zich kan veroorloven en voor hoeveel behandelingen en verlaagt dan haar behandeltarief zoals goed voelt. Ik kies de omgekeerde benadering: eerst bepaal ik de kostprijs van een uur, daarna overleg ik op een gefundeerde manier met mezelf hoe ik met dat tarief wil omgaan.

In mijn benadering van de uurkostprijs zit een kleine valkuil: over hoeveel uur per week werken verdeel je je vaste kosten? Extreem gesteld: wil je weinig uren of behandelingen voor een hoog tarief of liever meer uren / behandelingen voor een wat lager tarief? Je zou ook een plaatje kunnen maken van kosten per jaar en welk deel je per week of maand minimaal gedekt wilt hebben.

De insteek van mijn collega-therapeut is leuker qua gesprek: wie bepaalt dat niet kunnen betalen? Hoe ga je daarmee om? Iedere schooljuf kan je vertellen dat de ouder die de grootste problemen over het geld voor het schoolreisje maakt, niet altijd de minst bedeelde is. Nog een andere collega vertelde me dat ze een vaste dag per maand gratis masseert voor een goed doel en verder nooit haar tarief aanpast naar draagkracht. Ik vind mezelf regelmatig voor een aangepast tarief aan het werk. Omdat ik de casuïstiek interessant vind, omdat ik de mens graag help of om een betrekkelijk triviale reden.

Op mijn factuur benoem ik de draagkracht-aanpassing als korting. Behandeling is prijs Y en daaronder een ouderwets minsommetje waarin ik de korting benoem en die aftrek om tot een totaalbedrag te komen. Vervolgens is het aan mijn cliënt en diens zorgverzekeraar hoe ze daarmee omgaan. Als ik te veel werk voor te weinig geld verricht heb, is dat een leerschool voor mezelf. Eerst mopper ik op de klant. Daarna bevraag ik mezelf op mijn aandeel en dan kom ik in een domein waar ik wat leer. Wat heeft mijn klant gezegd waardoor dat knopje bij mezelf ingedrukt werd en ik vond dat ik iets voor iemand moest gaan doen? Ook vraag ik me af of de waarde van mijn behandeling aan geld verbonden is. Of anders geformuleerd: hoe is de relatie tussen mijn menswaarde en het geld dat ik verdien? Ik analyseer mijn gedrag en bedenk hoe ik dat een volgende keer aanpak, want:

It matters not how strait the gate,
How charged with punishments the scroll,
I am the master of my fate:
I am the captain of my soul

(William E. Henley, ‘Invictus’)