Anders kijken… Astma en allergie of intolerantie

6 april 2010

De aanwezigheid van een kat in huis kan de kans verkleinen dat mensen astma ontwikkelen. Tot dusverre werd altijd aangenomen dat ook huisdieren ervoor zorgen dat kinderen astma en allergieën kunnen krijgen. Aan de universiteit van Virginia in de Verenigde Staten zijn 226 kinderen onderzocht op het aantal antilichamen dat zij hadden tegen allergieveroorzakende stoffen van de kat. Het bleek dat kinderen vooral astma ontwikkelen als zich in huis een geringe hoeveelheid allergieveroorzakende stoffen bevindt. Een grote hoeveelheid van dergelijke stoffen, bijvoorbeeld door een kat in huis, veroorzaakte in veel gevallen minder astma.

Een te schone omgeving is slecht voor de gezondheid van baby’s en kleine kinderen. Blootstelling aan de bacteriën kan kinderen juist beschermen tegen allergieën en astma. Bacteriën sporen het lichaam aan om afweerstoffen te ontwikkelen. Dit blijkt uit een onderzoek van wetenschappers van het National Jewish Medical and Research Centre in Denver. Ze onderzochten de leefomgeving van 61 baby’s en peuters van 9 tot 24 maanden, die allen minstens éénmaal last hadden gehad van ademhalingsmoeilijkheden. De kinderen werden getest op diverse allergieën. Tien baby’s(16%) waren voor minstens één ding allergisch, van katten of hondenhaar tot eieren. De onderzoekers stelden vast dat zij in de woningen van de allergische baby’s ‘opvallend minder’ huisstof hadden aangetroffen dan in de huizen van de andere baby’s. Volgens de studie zorgt het in de huisstofbacteriën aanwezige gif endotoxine bij baby’s voor de aanmaak van meer witte bloedlichaampjes, die interferrongamma produceren. Deze stof beschermt tegen allergieën en astma.

Lees verder op pagina 23 van VNGK 1/10