Psychosociale basiskennis: Posttraumatische stressstoornis

5 augustus 2014

Door: Els Smits

Een posttraumatische stressstoornis (PTSS) is een angststoornis die kan ontstaan nadat iemand een overweldigende, traumatische gebeurtenis heeft meegemaakt. Iemand met een PTSS blijft de gebeurtenis herbeleven, met een even heftige lichamelijke reactie daarop als toen het echt gebeurde. Het gevolg is vermijding van alles wat aan het trauma herinnert en van gedachten, gevoelens of gesprekken erover. Vaak is er sprake van geheugenverlies voor een bepaald aspect van de gebeurtenis en ook van depressie. Emotionele reacties zijn verdoofd, men is verhoogd waakzaam en heeft minder belangstelling voor activiteiten die men eerder leuk vond.

Dat een traumatische gebeurtenis een grote impact heeft op je bestaan is door iedereen wel eens ervaren en daardoor goed te bevatten. Maar meestal slijt dat; er komen positievere ervaringen voor in de plaats en op een gegeven moment is de angst weer te behappen. Bij PTSS lijkt de angst zich echter voorgoed in je hersenen gegrift te hebben. Om te begrijpen hoe dat komt moeten we een kijkje in die hersenen nemen. Neurowetenschappers als Joseph LeDoux en Antonio Damasio onderscheiden binnen de hersenen twee stelsels, een emotioneel en een cognitief brein. Het emotionele brein wordt ook wel het limbische stelsel genoemd, midden in de hersenen gelegen. Daaromheen ligt het cognitieve brein of neocortex, evolutionair gezien de nieuwste hersenlaag.

 

Lees het gehele artikel vanaf pagina 20 in het VNGK 5/14.

Wilt u het hele artikel als PDF ontvangen? Bestel het dan hier voor € 3,50.

Bronvermelding:
Merck Manual – Medisch Handboek. 2005
Emotionele intelligentie. Daniel Goleman. 1996
Uw brein als medicijn. David Servan-Schreiber. 2003