Is biologisch ook altijd biologisch?

20 februari 2018

Door: Jan Blaauw

Biologisch is erg populair en tegenwoordig zien we steeds meer producten die zich als zodanig aanmerken. Om de naam ‘biologisch’ te dragen, dient een product echter aan een aantal voorwaarden te voldoen.

De term ‘biologisch’ heeft niets te maken met smaak en kwaliteit van een product. Bij biologische voeding mag onder andere geen sprake zijn van gebruik van kunstmest, kunstmatige bestrijdingsmiddelen, chemische of synthetische conserveringsmiddelen, geur-, kleur- en smaakstoffen, groeihormonen of preventieve medicijnen bij de productie. Verder wordt rekening gehouden met kernwaarden als gezond, ecologisch, fair en verantwoordelijk. Bovendien hoort biologische voeding een biologisch keurmerk te dragen. Internationaal maakt IFOAM (International Federation of Organic Agriculture Movements) zich hier sterk voor.

In Nederland kennen we twee keurmerken, het EKO-keurmerk voor biologisch voedsel en Demeter, waarbij de laatste ook voldoet aan biologisch-dynamische kwaliteitseisen. Daarnaast werd op 1 juli 2010 het Europese Bio-keurmerk in het leven geroepen. Het logo dat hierbij hoort (zie afbeelding) staat sinds 1 juli 2012 verplicht op alle biologische producten die in de Europese Unie (EU) zijn geproduceerd. Los van genoemde bio-keurmerken, bestaat er ook een aantal keurmerken dat niet-biologisch is, zoals MSC en Beter Leven, Erkend Streekproduct, Milieukeur, Fairtrade/Max Havelaar, Rainforest Alliance en UTZ.

Stichting Skal controleert of de regels door de als biologisch gecertificeerde bedrijven/producten worden nagekomen. Jaarlijks komen er gecertificeerde bedrijven bij, maar er zijn er ook die niet (meer) door de controle komen. Medio 2017 waren bij toezichthouder Skal Biocontrole 4.285 biologische bedrijven in Nederland gecertificeerd.

In Europa is alles wat met biologisch te maken heeft in beweging. De Europese Commissie volgt de ontwikkelingen nauwgezet. Zo wil de Europese Commissie bijvoorbeeld dat biologische gewassen geen enkel pesticidenresidu bevatten. De Nederlandse biologische koepelorganisatie Bionext stelt echter dat dat onmogelijk is. Een ander kritiekpunt van Bionext op de Europese voorstellen is dat Europa voorstelt tot maximaal 3.000 kippen per schuur toe te staan. Nu is dat gemiddeld 18.000 voor een Nederlands legkippenbedrijf, dat verschillende vrije uitloopeenheden heeft met verschillende subeenheden. Met de nieuwe regels zouden deze bedrijven in een klap geen biologische kippen meer hebben. In het dichtbevolkte Nederland is het bouwen van extra schuren nauwelijks een optie. Tevens stelt de Europese Commissie voor om milieuvriendelijk verbouwde gewassen, die groeien in potten, bakken of containers met bijvoorbeeld steenwol, kokosvezel of kleikorrels het predicaat ‘biologisch’ te geven. Omdat deze gewassen niet in de volle grond zijn geteeld, vindt Bionext dat dit in strijd is met het biologische grondbeginsel: ‘omdat de natuurlijke grond, de levende bodem, het basisprincipe is van de biologische beweging’.

Het gebruik van biologische producten neemt toe, mede omdat onderzoek meer en meer aantoont dat biologische producten minder belastend zijn voor het lichaam en prevaleren in bioactieve stoffen ten opzichte van niet-biologische voeding. Gezien de toename van het aantal biologische producten, en de uitdaging het groeiende aantal gecertificeerde bedrijven te controleren, lijkt het gegrond je af te vragen of biologisch ook echt altijd biologisch is. Zeker als het gaat om losse producten, zoals groente en fruit per stuk. Het siert een biologisch bedrijf als het transparant werkt, en het voor de consument mogelijk maakt om mee te kijken in het hele proces. Dit geeft vertrouwen en tevens een extra stukje controle door de consument.