Ingezonden brief van Marja van der Ende

18 juli 2013

Wat is de functie van een beroepsorganisatie? Vergoedingen van zorgverzekeraars regelen? Belangen van de aangesloten therapeuten behartigen? Klacht- en Tuchtrecht organiseren? Het beroep promoten richting consumenten? Collectieve verzekeringen bieden? Met elkaar de toekomst van het vak uitstippelen? Lobbyen bij overheidsinstellingen en reguliere zorginstellingen? Controle op de professionele uitvoering van het therapeutschap?

In de afgelopen tien jaar waarin ik nu als student in verschillende therapievormen, afgestudeerd massagetherapeut, professioneel werkend zelfstandige en bij een beroepsorganisatie aangesloten therapeut rondloop in deze sector, is mij het volgende opgevallen: de meeste natuurgerichte beroepsorganisaties (beroepsverenigingen, federaties, stichtingen) laten best wel kansen liggen. Omdat ik dat persoonlijk zonde vind van de energie die de honderden vrijwilligers en medewerkers in deze organisaties steken en omdat ik denk dat het anders kan, schrijf ik dit artikel.

Ik voel me teleurgesteld wanneer ik steeds bij nagenoeg elke beroepsorganisatie, zowel monodisciplinair als multidisciplinair gericht, zie gebeuren dat de focus voornamelijk gericht wordt op het binnenhalen van vergoedingen door zorgverzekeraars. Het maakt me zelfs een beetje onrustig en opstandig wanneer ik collega therapeuten hoor zeggen dat ze hun lidmaatschap of aansluiting hebben opgezegd, omdat de zorgverzekeraars steeds minder of niet meer vergoeden of omdat de beroepsvereniging niet (meer) in staat is om zorgverzekeraars te vriend te houden.
 
Willen we in de toekomst andere, betere, resultaten zien van dit harde werken, dan begint dat met een ander basisprincipe. Om het andere basisprincipe dat ik in gedachte heb, in dit artikel verder uit te werken, begin ik met de volgende vraag:
Hoe zou de wereld eruit zien, wanneer beroepsorganisaties zich, naast belangenbehartiging, controle en de focus op zorgverzekeraars, meer zouden opstellen als collectief marketingbureau voor de aangesloten therapeuten?
 
De beroepsorganisatie als collectief marketingbureau
In beginsel is iedere zelfstandig ondernemer, iedere zelfstandig werkende therapeut, zelf verantwoordelijk voor het werven van cliënten in de praktijk. De afgelopen jaren heeft zich het verschijnsel getoond, dat veel therapeuten die verantwoordelijkheid bij de beroepsvereniging zijn gaan neerleggen, door zich volledig afhankelijk te stellen van de geldstroom die uit vergoedingen van zorgverzekeraars kwam. Toen de kraan steeds meer dichtgedraaid werd en de vergoedingen minder werden of bij sommige zorgverzekeraars stopten, moesten collega therapeuten soms zelfs de deuren van hun praktijk sluiten omdat ze niet in staat waren om nog voldoende inkomen te genereren en te laat waren met het aanboren van andere geldstromen.
 
Welke rol kan een beroepsorganisatie vervullen, om dergelijke situaties te voorkomen? Even los van de vraag of het de verantwoordelijkheid is van de beroepsorganisatie om gedegen ondernemers van de therapeuten te maken, de collectiviteit van een dergelijke aan elkaar verbonden groep mensen kan veel voordelen hebben. Er kan bijvoorbeeld collectief kennis en kunde ingekocht worden om de kosten van marketingtrainingen en ondernemerscoaching voor de therapeuten behapbaar te houden. Daarnaast kan er collectief geadverteerd worden, waardoor de kosten van deze advertenties gedeeld kunnen worden door de groep en deze investeringen per aangesloten therapeut dus lager zijn. Ik denk dan aan de reclamecampagne op TV, die de beroepsorganisatie voor pedicures ProVoet een aantal jaren geleden had met mannen op teenslippers om het mannelijk publiek naar de pedicure te trekken.
 
Mijn antwoord op de vraag
Mijn antwoord op de eerder gestelde vraag is: ik weet het niet. Ik hoop en verwacht dat de inzet van een collectieve promotiecampagne bijdraagt aan de totstandkoming van een ander beeld van natuurgeneeskunde en daarmee vollere praktijken. Echter, de situatie is natuurlijk ook ergens ontstaan. Ik denk dat er nog veel werk te verrichten is, niet alleen wat betreft een duidelijke communicatie, maar ook wat betreft professionalisering van de therapeut, zowel in ondernemersvaardigheden als in therapeutische attitude. Om de therapievormen die geboden worden vanuit een onderbouwde effectiviteit te kunnen tonen aan de wereld, zijn veel praktijkonderzoeken en betrouwbare uitkomsten nodig. Door allerlei instanties die naast de therapeuten en beroepsorganisaties staan, wordt hieraan al hard gewerkt.
 
Ben je zelf lid of onderdeel van een bestuur van een beroepsorganisatie en wil je veranderingen zien in de toekomst? Ik hou ervan om mijn kennis op dat vlak te delen en laat me graag uitnodigen om mee te denken met besturen van beroepsorganisaties om samen tot een op het publiek afgestemd communicatieplan te komen. Stuur een e-mail naar: info@SuXeed.nl.
 
Marja van der Ende
Natuurgeneeskundig therapeut, marketingtrainer en ondernemerscoach

Reacties (2):

(1) Reactie op ingezonden brief van Angela Clavaux (23-7-2013):
 
Ik begrijp en onderschrijf helemaal jouw verhaal in de brief.
Toen ik in 2005 lid werd van de beroepsorganisatie waarbij ik aangesloten ben, was dat een warm bad. We waren een club…allemaal disciplines bij elkaar, bereid om naar elkaar te luisteren en te leren! Ik keek altijd uit naar de halfjaarlijkse bijeenkomsten.
De laatste tijd ben ik serieus aan het overwegen om mijn lidmaatschap op te zeggen. Ik voel me niet meer thuis, zoals zo veel collega’s, ook van andere beroepsverenigingen, zich voelen. Ik wil niet meer bezig zijn met het steeds maar tellen van punten, scannen van diploma’s omdat weer een zorgverzekeraar iets heeft bedacht. Ik wil niet meer het belang van mijn klanten onderschikt maken aan het belang van de zorgverzekeraars en de farmaceutische industrie.
Ik wil niet meer gedwongen worden studies te volgen die m.i. helemaal niet aansluiten bij de praktijk maar er alleen maar op gericht zijn ons (nog) meer richting het reguliere veld te drukken. Ik wil niet gedwongen worden iets te ‘leren’ over de schijf van vijf terwijl mijn heldervoelende vermogens aangeven dat de klant beter geen tarwe tot zich kan nemen. Ik wil niet meer met de opleiding mailen dat er iets niet klopt met de informatie over neuropathie. Ik heb het afgelopen jaar cursussen/studies gedaan die niet zijn geaccrediteerd maar waar ik prachtige kennis mee heb vergaard en direct in de praktijk heb kunnen toepassen. (o.a. Glycobiologie, EFT). Zo kan ik nog even doorgaan. Ik wil alle bovenstaande acties doen…zodra zij in het belang zijn van mijn klanten en mijn onderneming!
 
Als ondernemer ben ik zelf verantwoordelijk voor de zakelijke kant van de praktijk. Ik zal niet ontkennen dat er klanten zijn die zonder de vergoeding van de verzekeraar wellicht niet meer (kunnen) komen. Toch zijn er velen die inmiddels niet meer aanvullend verzekerd zijn of zelf hebben gekozen een andere verzekeraar te nemen. Ook zijn er mensen met de ouderwetse piekenpot…die ze bij mij omkeren…ik vind het prachtig. Deze mensen zijn zich volledig bewust van hun verantwoordelijkheid en kracht en worden op deze manier niet in de rol van dankbaarheid gedrukt.
Ik vind dat we als therapeuten onze eigen kracht niet moeten ondermijnen door op de verkeerde frequentie te gaan zitten. Als we geloven in ons eigen kunnen en in het doel wat we voor ogen hebben dan kan het niet anders dan dat het blijft stromen en steeds harder gaat stromen.
Ik denk dat het geheim schuilt in vanuit kracht en geloof in ons eigen kunnen (verder) aan de slag te gaan. Denken vanuit de behoefte van onze klanten, met toegankelijkheid en een lage drempel. Ik richt me op mensen die verder willen kijken, klanten maar ook artsen en andere therapeuten. Ik heb gemerkt dat als we professionaliteit en kennis uitstralen we vanzelf serieus worden genomen. Ik richt me graag op het licht…dan worden we krachtiger, groter en kan niemand meer om ons heen. Nu zitten we maar te kissebissen en te strijden maar uiteindelijk strijden we tegen onszelf! Ik zie het aan mijn cursussen, niets wordt vergoed, ik vang een goede prijs en als de kwaliteit goed is…lopen ze vol.
 
Vandaag ook weer zulke prachtige consulten mogen beleven, ik word er blij en tegelijkertijd heel nederig van!
Wat hier goed nieuws is dat mijn klanten zo standvastig zijn en hun huisartsen blijven vertellen. Zo zachtjes aan merk ik steeds meer enthousiasme onder de artsen en met een werk ik nu samen in de begeleiding van een ALS patiënt.
Mijn teleurstelling komt denk ik voort uit een andere visie. Het is begonnen ooit met een uitleg van de voorzitter, hij vertelde waar hij dacht dat de beste insteek zou zijn om tot resultaten en erkenning te komen……de zorgverzekeraars. Ik denk dat we juist door hard werken het van daaruit krijgen van resultaten en erkenning, volhouden en op een positieve manier de aandacht zoeken, verder komen dan de strijd aan te gaan.
De ontwikkelingen gaan op dit moment zo hard..ongelooflijk! Ik werk bijvoorbeeld samen met een arts op het gebied van orthomoleculaire voeding en hij weet daar zo ontzettend veel van, dat ik dan graag door stuur. Die gaan dan de diepte in! Zo heb ik een netwerk om me heen….samen staan we sterk. Dat betekent niet dat we van hot naar her moeten doorsturen maar als het er echt op aan komt stel ik het belang van de klant voorop en stuur ik ze door om ze vaak later nog een keer terug te zien als dat nodig is.
Ik wil vanuit mijn hart werken en niet vanuit het tellen van punten simpelweg omdat mijn enthousiasme in dit vak geen grenzen kent.

(2) Reactie op ingezonden brief van Anoniem (23-7-2013)

Bij deze een korte reactie op uw artikel.

Met betrekking tot de vergoedingen door de ziektekostenverzekeraars:
Ik ben lid van een beroepsvereniging lang vóórdat de ziektekostenverzekeraars bereid waren enige vergoeding te betalen voor natuurgeneeskundige therapieën. De situatie was, door het ontbreken van erkenning, voor de therapeuten moeizaam. Het feit dat de zorgverzekeraars tot vergoeding overgingen kan beschouwd worden als een enorm succes in de goede richting. Het lijkt mij aanbevelenswaardig om u eerst te verdiepen in het verleden en de ontwikkelingen van de afgelopen 20 jaar te doorlopen. U zult dan zien dat er veel inzet is geweest, dat er veel bereikt is maar ook dat heel wat gemiste kansen zijn blijven liggen.

Feit is dat er in het verleden hard gewerkt is aan erkenning: dat werd niet bereikt. Ook werd steeds duidelijk aangegeven dat het er ook niet van zal komen. Reden, de opleidingseisen voldeden niet.

De beroepsvereniging weigerde koers te wijzigen. De hakken werden stevig in het zand gezet. Er werden allerlei bijscholingen uit de grond gestampt om aan de vereisten te voldoen. Vereisten die uitsluitend van toepassing zijn binnen het circuit zelf: verzuimend gebruik te maken van de gelegenheid om daarmee nu ook ( al is het deels) aan de vereisten van "de andere zijde" te voldoen. Jammer: gemiste kans.

Wat me ook steeds weer opvalt: het grote verschil in opstelling en werkwijze wanneer je in België aan een opleiding deelneemt of hier in Nederland. In België ontmoet je goed opgeleide professionals en medestudenten met adequate kennis zowel op het gebied van de reguliere als de natuurgeneeskundige zorg. Hier word ik treurig van de toch nog steeds geitenwollensokken mentaliteit: die tijd hadden we toch al lang geleden voorbij moeten zijn, niet? 

Mijn reactie op hetgeen u voorstelt:
Het wiel hoeft niet opnieuw uitgevonden te worden. De wijze waarop beroepsverenigingen zich opstellen vind ik de tijd voorbij, dáár moet dringend iets aan veranderen. Als aangesloten therapeut is er behoefte aan een professionele, zakelijke en adequate werkwijze. Een beroepsvereniging moet een goed fuctionerende administratie zijn met als deeltaken:
– Screening, lidmaatschap, nascholing , contacten zorgverzekering en overheid
– Advies waar nodig
– Helder omschrijving van de vereisten
– Heldere omschrijving van therapeutische technieken die voor vergoeding in aanmerking komen
– Respecteren van de wetgeving ten aanzien van opleiding en vorming
– Opleidingsniveau laten toetsen met het daartoe door de overheid aangewezen orgaan

Dat betekent:
Stoppen met de door henzelf geformuleerde opleidingen:…een voorbeeld Medische basiskennis op HBO- niveau:
Er is geen rijks erkende opleiding "medische BASIS kennis" op HBO niveau: het woord basiskennis spreekt voor zich. Wanneer ze daadwerkelijk "een brug willen slaan naar het reguliere", wanneer ze daadwerkelijk serieus genomen willen worden en aan erkenning willen werken dan zullen wij als therapeuten moeten voldoen aan reële opleidingseisen zoals dat in Duitsland, België en menig ander land heel normaal is. "Specialisaties" aangeboden door bevriende leden, zweverige figuren en niet gespecialiseerd opgeleiden, "medische dagen" door niet daartoe opgeleiden: dat moet stoppen! Dáár moet aan gewerkt worden.

Niet bestuurinhoudelijk, bestuursinhoudelijk: dat is een interne zaak en dient intern vormgegeven te worden. Het aantal therapeuten is te groot geworden om nog knus bij elkaar te zitten en filosofieën uit te wisselen. Het is ook hoog tijd dat men inziet dat het wel degelijk nodig is het opleidingspeil op te heffen naar een behoorlijk niveau. Ik ben het wat dat betreft volledig eens met de stelling van de zorgverzekeraars. Als dat in Duitsland, Belgie en diverse andere landen mogelijk is dan is dat hier in Nederland óók mogelijk. Het is niet meer als logisch dat zorgverzekereaars hun eisen stellen: het is toch werkelijk van de zotte dat kaartleggen, toekomst voorspellen en soortgelijke activiteiten als natuurgeneeskundig consult gedeclareerd worden. Dat therapeuten twee rekeningen uitschrijven om een consult van boven de 100 euro te kunnen innen. Het is realiteit dat zorgverzekeraars hiermee regelmatig bedrogen worden.

Rijks erkende opleidingen en cursussen beschikbaar:
De beroepsverenigingen stellen botweg dat deze niet aan de vereisten zouden voldoen. Ik heb om de MBK vergeleken: hun stelling is beslist onterecht. Er bestaat duidelijke EU Regelgeving ten aanzien van dit onderwerp die bepaalt dat rijkserkende opleidingen wel degelijk erkend moeten worden, zowel nationaal als internationaal. Het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen voert hierover een lijst ter inzage. Oók onze beroepsverenigingen zijn verplicht dit te respecteren.

De ogen openen voor de realiteit eindelijk daadwerkelijk stappen ondernemen om voor de therapeuten een zo goed mogelijke positie op de markt te verwerven.
Ik gebruik hier met opzet  niet het woord "erkenning" want dat zal zeer moeilijk zijn en blijven, maar op een intelligente manier gebruik maken van bestaande (rijks)erkende faciliteiten zou een grote stap in de goede richting zijn.

En ja ik ben het volledig met u eens dat een beroepsvereniging een andere invulling moet geven aan haar functie, het aantal therapeuten is te groot geworden om door te gaan op de oude voet.

Mijn redenen om me op enig moment aan te sluiten bij een beroepsvereniging:
– indertijd: om contacten te leggen en te onderhouden met collega's uit het veld
– later: omdat ik het noodzakelijk acht maar ook om het "samen staan we sterker" fenomeen
– maar ook: De client heeft recht op kwaliteit en mag van de therapeut deskundigheid verwachten
– dat mijn client zijn kosten kan declareren, met name de client met een beperkt budget

Ik verwacht
– dat die vereniging mijn belangen behartigt en mij vertegenwoordigt bv bij de zorgverzekeraar en overheid
– aanbod voor deskundige bijscholing

Ik vind dat we een behoorlijk bedrag aan lidmaatschap betalen: ik zie daar eigenlijk niet veel voor terug met uitzondering van vergoeding bij de zorgverzekeraar en dat is niet eens in mijn belang maar in het belang van de cliënt.
Marketing en dat soort zaken lijkt me te vroeg. Trainingen en ander faciliteiten voor de ZP-er, die zijn er te over, zowel duur als zeer betaalbaar.

Ik heb de wijsheid niet in pacht, ik geef enkel weer wat ik om me heen signaleer en wat me moedeloos maakt. Wat beslist wel irritatie in mij opwekt is de houding van aversie naar de reguliere zorg, minachtende opmerkingen over de geneesheren, de wijze van behandelen en omgang met medicatie waarvan ik uit ervaring weet dat die niet als snoepjes uitgedeeld worden. Dat is niet bevorderlijk voor de ondelinge verhoudingen. Respect is de eerste stap, waar mogelijk eenzelfde terminologie hanteren is ook een prima initiatief.

De reguliere zorg is erkend, jammer genoeg zullen we er niet onderuit komen om zelf de stap naar hen toe te nemen en niet andersom en dat begint bij het vereiste opleidingsniveau.