Seksualiteit

25 april 2019

Door Karlien Bongers

Zolang ik me kan herinneren ken ik het yin-yangsymbool. Dit symbool verwijst naar twee tegengestelde krachten, terug te vinden in alle aspecten van het universum. Het symbool is oud. Het principe dat het vertegenwoordigt, is al terug te vinden in de Rig-Veda – het oudste van de vier Vedische geschriften – dat zijn basis heeft in de vruchtbare vallei van de rivier de Indus zo’n 3000 jaar voor Christus. Het yin-yangsymbool zoals wij het kennen, wordt voor het eerst in de klassieke Chinese tekst I Tjing, oftewel het ‘Boek der verandering’, genoemd.

Voor mijn vader was het yin-yangteken het symbool voor de elkaar aanvullende waarde van tegenstellingen. Yin zo zei hij, vertegenwoordigt vrouwelijkheid in de zin van bijvoorbeeld aarde, kou en vochtigheid. Yang symboliseert mannelijkheid zoals hemel, warmte en droogte. Volgens mijn vader hebben tegenstellingen elkaar nodig om zichzelf te vervolmaken.

De natuur zit vol met tegenstellingen. Zo was het gisteren nog winter en vandaag verwarmt de zon de tuin. Vogels roepen om aandacht en een vroege hommel zoemt voorbij. De lucht is zwanger van verwachting. De bewerkers van de aarde hebben de grond voorbereid op een nieuw seizoen van groei en bloei. Het rood in het daglicht trekt de eerste plantjes uit de grond. In de hoopjes aarde rond hun kleine groene steeltjes zie je hun worsteling om de donkere vochtigheid achter zich te laten en op zoek te gaan naar de warmte en het licht van de zon. Straks zullen uit hun bloemknoppen bloemen groeien met stampers en stuifmeeldraden. Stampers zullen bedekt zijn door stempels met diverse vormen en ingenieuze mechanismen om ervoor te zorgen dat het juiste stuifmeel op het juiste moment op de stamper komt. Zo is bij de veelvoorkomende luzerne de stempel bedekt met een vlies, dat pas scheurt als een met stuifmeel bedekt insect het bloemetje bezoekt.

Op hun beurt hebben allerlei insecten ingenieuze tongen, poten en lijfjes om de nectar van specifieke bloemen te kunnen bemachtigen. Andere insecten hebben juist de bouw om bij veel bloemen voedsel te halen. Om zich te kunnen voortplanten, hebben insecten ook ingenieuze geslachtsorganen die per ondersoort sterk kunnen verschillen. Vrouwelijke insecten hebben niet alleen ventieltjes en klepjes die ongewenst sperma bij hun eitjes vandaan kunnen houden, maar ook opslagplooien waarin ze sperma lange tijd goed kunnen houden. Een mierenkoningin bijvoorbeeld insemineert haar eitjes met het sperma dat ze ontving tijdens haar bruidsvlucht aan het begin van haar volwassen leven. Mannelijke insecten hebben soortspecifieke borsteltjes, grijpertjes en spiraalvormige uitsteeksels om optimaal in het vrouwelijk geslachtsorgaan te passen. Vaak hebben ze zelfs speciale schepjes om eerder geplaatst sperma te kunnen verwijderen.

In vergelijking is de menselijke soort in fysieke zin maar armoedig voorzien. Daar staat tegenover dat terwijl seksualiteit door de bloemetjes en bijtjes alleen wordt gebruikt voor de voortplanting, de menselijke soort gebruik kan maken van de creatieve energie van seksualiteit.
Ik glimlach als ik denk aan mijn vaders idee over mannelijkheid en vrouwelijkheid en zijn 2D-uitleg over het yin-yangsymbool.
Voor mij gaat het yin-yangsymbool niet over het complementair aanvullen van verschillen, maar over de creatieve energie die ontstaat op het raakvlak van tegenstellingen. Juist in het spanningsveld tussen tegenstellingen kan iets nieuws ontstaan. Als we deze energie bewust ervaren, vernieuwt en verrijkt dat ons leven. Het geeft leven, het is vitale energie.

Meer informatie:
www.karlienbongers.nl